Heb je nog vragen?

Ons support team is bereikbaar tot 18:00 uur

Hé, maar ik dan?

Eenzaamheid in coronatijd. Dan krijg je een beeld op je netvlies van ouderen, moederziel alleen thuis, afgezonderd van de wereld en zonder bezoek. Beetje bij beetje kwamen er, zoals dat gaat in deze crisis, andere groepen in beeld die met eenzaamheid te kampen hebben. Steeds meer mensen voelen zich als onderdeel van een bepaalde doelgroep benadeeld. Ze willen gehoord worden: hé, maar wij dan?

Nou ja, zo voel ik me dus ook een beetje. Ik mis de erkenning. Dat ik het misschien óók wel extra moeilijk had tijdens de lockdown, maar dat het niet over mij ging. Ik ben een alleenwonende jongere. Geen thuiswerkende moeder met kinderen die elkaar de hersens inslaan of met huiswerk in mijn nek hijgen. Ik zit ook niet in een risicogroep, mijn fysieke gesteldheid is godzijdank piekfijn in orde. Wat ik dan te klagen heb? De podcast Datevermaak besprak tot mijn vreugde de alleenwonende single, hoognodige aandacht die vanuit de overheid ontbrak. Ik voelde me aangesproken, maar toch niet helemaal. Want ik woon alleen, maar ben niet vrijgezel. Mijn partner zien, die ergens anders woont, kon dan weer niet. En vrienden mocht ik ook niet ontmoeten.


Of wel? Daarover verschillen de meningen. Zo ook die van vrienden en familie. Een vriendin die behalve vriend en baby helemaal niemand ziet, een vrijgezelle vriend die een anderhalvemeter-afstand-date heeft in het park, weer een andere vriendin die zich met tegenzin door haar vriend laat meesleuren naar etentjes. Een telefoontje met m’n broer leert me dat hij, alleenwonend en alleenstaand, deze rottijd dan weer wel echt alleen uitzit. Ik voel me een slappeling, ‘nou ja, ik vind dat ik best mensen mag zien. Anders houd ik het toch niet vol?’, werp ik er tegenin.


Er worden in deze tijd nogal wat morele dilemma’s op ons afgevuurd, met overkoepelend: hoe belangrijk vind je de gezondheid van een ander in verhouding tot jouw eigen welzijn, geluk en plezier? Ik merk dat ik die vraag voor mezelf wil beantwoorden. Liefst komt dat antwoord dicht in de buurt van ‘heel belangrijk’, met als gevolg weinig sociaal contact. Volhouden dus. In werkelijkheid was ik na zeven dagen al ontzettend klaar met thuiswerken, videobellen, alleen eten en alleen tv-kijken en werd ik moe van de mensen die zeggen dat ik niet moet Netflixen, maar een hobby moet zoeken waar ik voldoening uit haal. Mensen zien, daar haal ik voldoening uit.


En toen belde een vriendin om te vragen of ik kwam eten. Alleen al het feit dat ze aan me dacht, gaf me twee extra dagen energie. Dat is misschien wel net zo fijn: het gevoel hebben dat een ander aan je denkt. Dat een ander je ziet, maakt al stukken minder eenzaam. Die erkenning hoef ik niet zozeer uit de mond van Mark Rutte te horen, als mijn omgeving het maar ziet.

De coronacrisis doet een enorm beroep op ons verantwoordelijkheidsgevoel. Ben ik een goede deelnemer van de maatschappij als ik binnen blijf? Misschien. Maar ik heb ook de verantwoordelijkheid over mezelf. Ik moet mijn eigen keuzes maken. Nee, ik mág mijn eigen keuzes maken. Leven in een intelligente lockdown is zo eenvoudig nog niet.

Reacties (0)

Voeg reactie toe